


het bleek dat alleen zijn eigen water
het juiste zout bevatte om zich
van zijn wangen te wassen
hij vroeg zich af waar zijn
kraakbeen in verdween
____maar
eenmaal bros bleek hij
eenvoudig afslijtbaar:
____hij
liep terug
____halfafgeschminkt
____halfhalfafgeschminkt
____halfhalfhalfafgeschminkt
schilferde hij zich confetti door de straten
____totdat
hij daarmee weer quitte stond